Iedereen - niemand - iemand
Er was eens een klusje te doen en allen waren ervan overtuigd
dat iemand het zou doen.
Iedereen kon het doen maar niemand wilde het doen.
Iemand werd kwaad omdat het iedereen zijn taak was.
Allen dachten dat iemand het kon doen,
maar iedereen realiseerde zich dat niemand het wilde doen.
Tenslotte beschuldigde iedereen iemand terwijl niemand deed
wat ze met zijn allen konden doen.
Dus als iedereen zijn eigen verantwoording neemt
kan niemand zeggen dat een ander het moest doen zodat we met
z’n allen eens aan iemand anders denken dan aan onszelf.
Bron:Onbekend