Geestelijke groei

Hoe weet ik dat ik een kind van God ben?

Als je je bewust bent van je rebellie en zonde, hier vergeving voor hebt gevraagd, je je hebt bekeerd en dus je vertrouwen stelt op Zijn volbrachte werk, dan ben je aangenomen als kind van God en zijn je zonden vergeven. Zie ook het artikel “Als je christen bent geworden” Maar hoe weet je nu zeker dat je een kind van God geworden bent? De antwoorden vinden we in de Bijbel, Gods Woord. Gevoelens kunnen veranderen, maar Gods Woord verandert nooit. Daarom  is het zo belangrijk dat we dat lezen. In dit artikel zullen dan ook veel Bijbelteksten staan om alles uit te leggen.

Verwacht twijfel

Wees niet verbaasd als er twijfel komt. Bijna alle nieuwe christenen, en soms zelfs ook oudere christenen, hebben wel eens twijfels. “Is Jezus echt in mij komen wonen?” ”Was mijn gebed wel oprecht genoeg?” “Heeft God mij echt vergeven en geaccepteerd?

Nu God je gered heeft uit satans macht is satan tegen je. Hij zal proberen om jou te laten twijfelen aan het werk dat God in jouw hart gedaan heeft. Dit doet hij door allerlei gedachten in je hoofd te brengen. Gedachten dat je niet goed genoeg bent, dat God je niet vergeven heeft, dat je niet oprecht bent en ga zomaar door.

Zo stuurt satan allemaal geestelijke pijlen op je af. Jij kunt je hiertegen wapenen, door te leren wat God hierover zegt. Lees de Bijbel, dat is Gods Woord, hierin staat de waarheid, waarmee je satans leugens kunt weerleggen. Geloof je in Jezus en heb je Hem in jouw leven gevraagd? Dan is Gods belofte dat je Zijn kind bent.

Maar allen die Hem aangenomen hebben, hun heeft Hij macht gegeven kinderen van God te worden, namelijk die in Zijn Naam geloven; Joh. 1:12

Veel mensen geloven met hun gevoel, zolang ze God kunnen voelen geloven ze dat het goed zit. Je moet echter niet afgaan op je gevoelens. Gevoelens zijn niet betrouwbaar. Je moet je verstand gebruiken en vertrouwen op Gods Woord, de Bijbel. Door af te gaan op je gevoel kan je gaan twijfelen. Lees Gods Woord, dat verandert niet. In Gods Woord staat:

Want u bent allen kinderen van God door het geloof in Christus Jezus. Gal. 3:26

Veel Christenen denken dat als ze fouten maken God Zijn gedachten over hen zal veranderen en hen af zal wijzen. Maar Gods beloften veranderen niet. Jezus zei:

Alles wat de Vader Mij geeft, zal tot Mij komen; en wie tot Mij komt, zal Ik beslist niet uitwerpen. Joh. 6:37

God heeft jou geaccepteerd door het offer van Jezus aan het kruis. Niet omdat je zelf zo goed was. Het offer dat Jezus gebracht heeft verandert niet, en daarom zal niemand jou uit Zijn handen kunnen rukken:

Mijn schapen horen Mijn stem en Ik ken ze en zij volgen Mij. En Ik geef hun eeuwig leven; en zij zullen beslist niet verloren gaan in eeuwigheid en niemand zal ze uit Mijn hand rukken. Joh. 10:27-28

Als jij oprecht tot God hebt gebeden, hem je zonden hebt beleden en gelooft dat je vergeven bent door het offer van Jezus, dan mag jij geloven dat je een kind van God bent. Zijn Heilige Geest, die in jou woont, zal je eraan blijven herinneren dat dit waar is:

De Geest Zelf getuigt met onze geest dat wij kinderen van God zijn. Rom. 8:16

Als u met uw mond de Heere Jezus belijdt en met uw hart gelooft dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult u zalig worden. Rom. 10:9

Toch zijn er ook een aantal veranderingen in ons leven, waaraan we kunnen zien dat we een kind van God zijn.

Verandering van je houding naar Jezus.

Voordat je een kind van God werd had je waarschijnlijk niets met Jezus. Als kind van God verandert dit. Jezus is nu heel belangrijk. Je gelooft dat Hij de Zoon van God is en dat Hij voor jouw zonden is gestorven. Als het goed is heb je nu meer respect en liefde voor Jezus. Als kind van God krijg je het verlangen om het goede nieuws verder te vertellen. Jezus vraagt ons ook om bereid te zijn dit goede nieuws aan anderen te vertellen:

maar heilig God, de Heere, in uw hart; en wees altijd bereid tot verantwoording aan ieder die u rekenschap vraagt van de hoop die in u is, met zachtmoedigheid en eerbied. 1 Pet. 3:15

Bekeren

Als je een kind van God bent, zal je ook je leven moeten veranderen. Je zult moeten stoppen met zondigen, je van de verkeerde dingen afkeren(bekeren) en proberen te gaan leven naar Gods wil.

Lieve kinderen, laat niemand u misleiden. Wie de rechtvaardigheid doet, is rechtvaardig, zoals Hij rechtvaardig is. Wie de zonde doet, is uit de duivel; want de duivel zondigt vanaf het begin. Hiertoe is de Zoon van God geopenbaard, dat Hij de werken van de duivel verbreken zou. Ieder die uit God geboren is, doet de zonde niet, want Zijn zaad blijft in hem; en hij kan niet zondigen, omdat hij uit God geboren is. 1 Joh. 3:7-10

Als je een kind van God bent zal je willen veranderen. Dat wil niet zeggen dat het altijd zal lukken, maar je voelt je er niet meer prettig bij als je verkeerde dingen doet. De Bijbel spreekt over de oude mens en de nieuwe (gelovige) mens.

Daarom, als iemand in Christus is, is hij een nieuwe schepping: het oude is voorbijgegaan, zie, alles is nieuw geworden. 2 kor.5:17

Wie een kind van God is, heeft een hekel aan de zonde en wil niets liever dan leven naar al Gods geboden:

Dit zeg ik dan en getuig ervan in de Heere, dat u niet meer wandelt zoals de andere heidenen wandelen, in de zinloosheid van hun denken, verduisterd in het verstand, vervreemd van het leven dat uit God is, door de onwetendheid die in hen is, door de verharding van hun hart. Zij hebben zich, ongevoelig als ze zijn geworden, overgegeven aan losbandigheid, om alle onreinheid begerig te bedrijven.

Maar u hebt Christus zo niet leren kennen, als u Hem tenminste gehoord hebt en door Hem bent onderwezen, zoals de waarheid in Jezus is, namelijk dat u, wat betreft de vroegere levenswandel, de oude mens aflegt, die te gronde gaat door de misleidende begeerten, en dat u vernieuwd wordt in de geest van uw denken, en u bekleedt met de nieuwe mens, die overeenkomstig het beeld van God geschapen is, in ware rechtvaardigheid en heiligheid.

 Leg daarom de leugen af en spreek de waarheid, ieder tegen zijn naaste; wij zijn immers leden van elkaar. Word boos, maar zondig niet; laat de zon niet ondergaan over uw boosheid,  en geef de duivel geen plaats.

 Wie gestolen heeft, moet niet meer stelen, maar zich liever inspannen om met de handen goed werk te doen, om iets te kunnen delen met wie gebrek heeft. Laat er geen vuile taal uit uw mond komen, maar wel iets goeds, dat nuttig is tot opbouw, opdat het genade geeft aan hen die het horen.

 En bedroef de Heilige Geest van God niet, door Wie u verzegeld bent tot de dag van de verlossing. Laat alle bitterheid, woede, toorn, geschreeuw en laster van u weggenomen worden, met alle slechtheid, maar wees ten opzichte van elkaar vriendelijk en barmhartig, en vergeef elkaar, zoals ook God in Christus u vergeven Ef.4 17:32

Gehoorzamen

Als je een kind van God bent zul je Hem willen gehoorzamen. Je zult er willen achterkomen wat de wil van God is, en daar naar gaan willen handelen:

En hierdoor weten wij dat wij Hem kennen, namelijk als wij Zijn geboden in acht nemen. Wie zegt: Ik ken Hem, en Zijn geboden niet in acht neemt, is een leugenaar en in hem is de waarheid niet. Maar ieder die Zijn woord in acht neemt, in hem is werkelijk de liefde van God volmaakt geworden. Hierdoor weten wij dat wij in Hem zijn. Wie zegt in Hem te blijven, moet ook zelf zo wandelen als Hij gewandeld heeft. 1 Joh. 2:3-6

Als je een kind van God bent, verlang je er steeds meer naar om te doen wat goed is en wat God van je vraagt. Verlang niet naar de wereldse dingen:

Heb de wereld niet lief en ook niet wat in de wereld is. Als iemand de wereld liefheeft, is de liefde van de Vader niet in hem. Want al wat in de wereld is: de begeerte van het vlees, de begeerte van de ogen en de hoogmoed van het leven, is niet uit de Vader, maar is uit de wereld. 1 Joh. 2 :15-16

Een kind van God streeft naar goedheid, rechtvaardigheid en waarheid en houdt zich niet bezig met werken van de duisternis:

Want u was voorheen duisternis, maar nu bent u licht in de Heere; wandel als kinderen van het licht want de vrucht van de Geest bestaat in alle goedheid en rechtvaardigheid en waarheid – en beproef wat de Heere welbehaaglijk is. En neem niet deel aan de onvruchtbare werken van de duisternis, maar ontmasker ze veeleer. Ef. 5:8-11

Liefde voor andere christenen.

Jezus heeft ons het gebod gegeven om elkaar lief te hebben:

Een nieuw gebod geef Ik u, namelijk dat u elkaar liefhebt; zoals Ik u liefgehad heb, moet u ook elkaar liefhebben. Hierdoor zullen allen inzien dat u Mijn discipelen bent: als u liefde onder elkaar hebt. Joh. 13:34-35

Als je een kind van God geworden bent, uit dit zich ook in de liefde voor de broeders en zusters in geloof:

Wie zegt dat hij in het licht is en zijn broeder haat, die is tot nog toe in de duisternis. Wie zijn broeder liefheeft, blijft in het licht, en er is in hem niets dat anderen doet struikelen. 1 Joh. 2:9-11

Vaak krijg je een verlangen om bij andere Christenen te zijn. Dit betekent niet dat je nooit problemen hebt met andere Christenen, maar je zult meer de voorkeur  geven aan met ze samen te zijn. Liefde voor andere Christenen is een duidelijk teken dat je een volgeling van Jezus bent:

Wij weten dat wij zijn overgegaan uit de dood in het leven, omdat wij de broeders liefhebben; wie zijn broeder niet liefheeft, blijft in de dood. 1 Joh. 3:18

Conclusie

Als kind van God probeer je zo goed mogelijk de wil te doen van God, je Vader.

Als wat hierboven geschreven staat in jouw leven begonnen is, kan je er zeker van zijn dat je nu een kind van God bent. Als twijfel komt, stel dan je vertrouwen weer op de beloften van Gods Woord.

Lees elke dag een stukje uit je Bijbel en probeer Hem te leren kennen. Als je Hem beter leert kennen, zal je ook beter op Hem en Zijn beloftes kunnen vertrouwen.

Bid elke dag tot God. Vertel Hem wat je bezig houdt, wat je problemen en verlangens zijn en vergeet Hem niet voor alles te danken. Vraag elke dag zijn leiding in wat je doet. Je hoeft het allemaal niet alleen te doen. De Heilige Geest helpt je:

Immers, zovelen als er door de Geest van God geleid worden, die zijn kinderen van God. Rom. 8:14

Tot slot:

Wij sporen u aan, broeders en zusters, iedereen die zijn dagelijks werk verwaarloost terecht te wijzen, de moedelozen hoop te geven, op te komen voor de zwakken, met iedereen geduld te hebben. Zie erop toe dat niemand kwaad met kwaad vergeldt en streef altijd naar het goede, zowel voor elkaar als voor ieder ander.

Wees altijd verheugd, bid onophoudelijk, dank God onder alle omstandigheden, want dat is wat hij van u, die één bent met Christus Jezus, verlangt. Doof de Geest niet uit en veracht de profetieën niet die hij u ingeeft.

Onderzoek alles, behoud het goede en vermijd elk kwaad, in welke vorm het zich ook voordoet. Moge de God van de vrede zelf uw leven in alle opzichten heiligen, en mogen heel uw geest, ziel en lichaam zuiver bewaard zijn bij de komst van onze Heer Jezus Christus. Hij die u roept is trouw en doet zijn belofte gestand.1 Thes. 5:14-24